Bezoekerscentrum

De Poelboerderij

Vissen en amfibieën

DSC_0307

Freek Schellinger vangt voer voor de vissen in de aquaria. Foto Jos Lap.

‘Aquariumman’ geniet elke keer weer van zijn werk

Wie Bezoekerscentrum De Poelboerderij binnenstapt en om zich heen kijkt kan hem niet missen, de meterslange aquariumwand aan de achterkant van de centrale ruimte. Het is Freek Schellingers lust en z’n leven. ,,Het blijft elke keer weer mooi, om dat leven te zien en mee te maken. Heerlijk vind ik dat.’’

Over nagenoeg de hele pakweg tien meter brede muur naast de filmzaal is er één glazen baan, met daarachter levende natuur. Erboven twee enorme, unieke ge-airbrushte afbeeldingen, zo vanuit het veld. Erop staan allemaal dieren, vissen en vogels, die dit gebied zo uniek maken, minutieus nagebootst.

De gekleurde platen doen denken aan de klassieke schoolprenten van Ot en Sien die illustrator Cornelis Jetses (1873-1955) beroemd maakte. ,,Ja, die zijn gemaakt door een kennis van Paulien (Dubbeld, spin in web Poelboerderij, red.). Mooi hè, hij is er goed in. Hij doet onder meer ook tanks van brommers en motoren.’’

De Oostknollendammer mag dan ‘de aquariumman’ van De Poelboerderij zijn, als we het terrein van het bezoekerscentrum op fietsen zien we Schellinger bij een slootje staan. Met een schepnetje en een totebel (hangnetje, aan vier punten opgehangen). ,,Ja hier haal ik watervlooien en larfjes uit het water. Dat is gratis voer voor de vissies. Ook ’s winters haal ik hier aas uit. Vlak voor de deur. Gratis en voor niks – wat wil je nog meer.’’

Schellinger is een rasechte Zaankanter. Dat is goed te horen aan zijn tongval bij verkleinwoorden (eindigen steevast op ‘ies’) en de bekende Zaanse ‘eu’ waar het in het ABN een ‘ui’ betreft. Nadat hij zijn kroost heeft gevoerd, staan we nog even naar te kijken. ,,Kaik’’, klinkt het dan vertederd, ,,moet je zien. Ze hebbe allemaal kleine, bolle beukies. Zie je dat? Bolle beukjes, van ’t eten. Mooi hè?’’

In twee aquaria van De Poelboerderij worden twee afzonderlijke leefmilieus nagebootst. In het grootste aquarium dat van de zoetwatervissen in het Wormer- en Jisperveld. We moeten dan denken aan brasem, grondel, zwartbekgrondel, marmergrondel en voorn. En in het aquarium ernaast gaat het om de salamander. ,,Nou ja goed, d’r zitten ook wat van die dikkoppies in, jonge kikkervissies.’’

Schellinger vertelt met gepaste trots hoe de aquaria van schoon water blijven voorzien. Het water in de salamanderbak wordt rondgepompt met behulp van een tijdklok. Daar zit ook een duidelijk hoogteverschil in, waardoor het water zuurstof krijgt, ververst. Het grootste aquarium wordt voortdurend rondgepompt, maar dat gebeurt min of meer onzichtbaar. In de kast onder het aquarium zit een aantal bakken waar het water doorheen wordt geleid. ,,Heel ingenieus systeem. Heeft iemand even voor ons in elkaar gezet.’’

Schellinger mogen we best tot medewerker van het eerste uur rekenen bij Bezoekerecentrum De Poelboerderij. Pakweg een jaar nadat in 1992 initiatiefnemers Ron van’t Veer (bioloog), Wim ter Weele (kunstschilder) en Ed Zijp (terreinmedewerker Natuurmonumenten) de boerderij echt als bezoekerscentrum van het Wormer- en Jisperveld in gebruik konden nemen, kwam Schellinger al meehelpen.

De nu 63-jarige natuurliefhebber is amateur-visser. Hij zit bij twee brasemclubs: Krommenie en omstreken en bij hengelsportvereniging De Voorn. Daarom kijkt hij ook zo verrukt naar de aquaria in de Poelboerderij. De meest linkse bak is eigenlijk een vreemde eend in de bijt – er zitten Amerikaanse dwergschildpadjes in.

Rienk van der Molen

Home Bezoekerscentrum Poelboerderij